Categorie archief: sport

Hij rijdt ze dat hun reet kraakt

Verschenen op Het Is Koers (23/03/2012)

De mooiste koers van het vorige jaar heeft misschien wel de stomste naam: E3 Prijs. E3, het kan de naam van een koe in de bio-industrie zijn, slechte frisdrank of een zandwinningsbedrijf. Het verwijst naar de snelweg E3 tussen Antwerpen en Harelbeke, je zou in Nederland de naam Amstel Gold Race dus ook kunnen vervangen door E25 Prijs.

“Het is de manier waarop je koersen wint, die ze belangrijk maken”, zei Karl van Nieuwkerke tijdens de E3 in 2011. Gelijk had ie. Daarom was de E3 in 2011 de belangrijkste koers van het jaar, want de manier waarop was nergens mooier dan daar. Niet de Ronde van Vlaanderen, niet Parijs – Roubaix, zelfs geen enkele etappe in de Tour de France werd op imponerender wijze gewonnen dan de E3.

Het was tegelijkertijd de dag waarop Fabian Cancellara zijn eigen glazen ingooide. Met een ongekend machtsvertoon stoof Spartacus naar Harelbeke. In de daaropvolgende koersen ging iedereen in zijn wiel zitten.

De kiem voor de overwinning lag in de tegenslag die Cancellara die 26e maart 2011 had. Lekke banden en een fietswissel op 57 kilometer voor de finish tergden de Zwitser. Van achter het peloton, dat op 3 minuten van een kopgroep reed, moest Cancellara zich naar voren werken.

Hij vloog over de Oude Kwaremont. Alsof hij aan het bijtrappen was in een afdaling, zo zag stoomwals Fabian er uit op de klassieke heuvel. Een heuvel die opvallend genoeg dit jaar de scherprechter van de Ronde van Vlaanderen moet worden, terwijl de geschrapte Muur van Geraardsbergen juist in de E3 opduikt.

In een mum van tijd was der Fabian bij de tweede groep. Hij ging erop en erover om de kloof van dertig seconden met de kopgroep te dichten. Daar bleef hij een tijdje zitten. Maar toen Bram Tankink op 17 kilometer voor het einde wegsprong zag Cancellara zijn kans schoon. Tankink zag zwarte sneeuw, witte vlekken en schreeuwde het uit van de kramp toen hij in het wiel probeerde te komen van de voorbijzoevende Zwitser.

De Belgische commentatoren, die normaal toch meer oog hebben voor de prestaties van vaderlanders, kwamen superlatieven te kort. “Ze kunnen hem niet volgen”, zei Wuyts. “Jongens, wat maken wij mee”, aldus de normaal toch nuchtere José de Cauwer. Wuyts: “Hij rijdt ze dat hun reet kraakt.” Dit was nog nooit vertoond, of zoals José het zei: “du jamais vu.” Daar bezegelde Fabian zijn lot voor de rest van het voorjaar. Er werd alleen nog maar naar hem gekeken. Had Cancellara rustig in het peloton meegepeddeld na die fietswissel dan had hij misschien Vlaanderen gewonnen, maar dan was de E3 Prijs ook nooit de mooiste koers van 2011 geweest.

De volgende dag was Eddy Merckx op de Belgische televisie. De E3 Prijs was een koers die hij zelf nooit had gewonnen. Dat is vermeldenswaardig in het geval van de Kannibaal. Maar opvallender was de analyse van Eddy. Hij zei de dag ervoor even zichzelf in zijn beste jaren te hebben gezien.

 

Advertenties

Het grind is voor Sagan

Het mag inmiddels duidelijk zijn, voorspellingen zijn niet aan schrijver dezes besteed. Verschenen op 2 maart op Het Is Koers:
Het witte grind is geduldig. Het ligt al sinds de lente van 2011 te wachten op nieuw rubber. In die lente was het Pieter Weening die over de onverharde Toscaanse wegen vloog. Achter hem volgde een peloton in rouw op de dag na het overlijden van Wouter Weylandt. Weening won de vijfde etappe van de Giro die deels over de wegen van de Strade Bianche voerde. Toch is de Fries er niet bij in de prachtige voorjaarsklassieker. Zijn team GreenEDGE koerst elders.

De Strade Bianche levert mooie beelden op. Mooier dan Milaan – San Remo. De onverharde wegen van Toscane, de cipressen en vooral de finish in Siena met haar smalle straatjes. Kijk omhoog en je ziet de drogende was hangen. Na veel draaien en keren is er plotseling het historische Piazza del Campo waar het spektakel van de Palio is vervangen door de aankomst van de Strade Bianche.

De ogen zijn gericht op de winnaar van vorig jaar. Philippe Gilbert begon zijn zegereeks van grote koersen in 2011 bij de Strade Bianche. Hij was toen nog niet in grootse vorm. In de misselijk stijgende straatjes van Siena kreeg hij Alessandro Ballan niet eens uit het wiel. Dankzij een stuurfout van de Italiaan in de laatste bocht kon hij rustig de handen in de lucht steken op het Piazza del Campo.

Maar Gilbert gaat niet winnen. Net als bij Cancellara vorig jaar, zal zaterdag iedereen op zijn wiel koersen. En als Flip zijn seizoen een beetje fatsoenlijk indeelt, is hij nu nog niet in topvorm. Ook de winnaar van 2008, Fabian Cancellara, is getuige zijn afwezigheid in Omloop Het Nieuwsblad nog volop in voorbereiding. Jammer dat Wout Poels hoogstwaarschijnlijk ook nog vroeg in zijn voorbereiding zit en Vacansoleil ontbreekt in Italië. De Limburger zou een goede kanshebber zijn voor de Strade Bianche. Er is één renner die in topvorm is geboren, hij kan Gilbert er op ieder moment uitsprinten en de laatste kilometers zijn ook nog eens op zijn lijf geschreven.

Peter Sagan wint dit jaar de Strade Bianche. De jonge Slowaak maalt niet om pieken op een bepaald moment. En met Nibali heeft hij de ideale wegkapitein. Het kan haast niet anders of Peter Sagan zal zaterdag heersen op het witte grind van Toscane.

Naschrift: Fabian Cancellara won met overmacht en Peter Sagan werd 26ste op 7,50″.  Hier de mooie plaatjes.

347653-cancellara-wint-strade-bianche.html

Tebowing, planking maar dan dommer

Plots is er Tebowing, op een knie God bedanken. Een pose geïntroduceerd door de streng-religieuze footballer Tim Tebow.

En nu doet iedereen het, omdat je toch af en toe een leuke foto op Facebook moet zetten als je verder niks beleeft. Zoals deze schrijver al terecht roept: “it’s like planking, but dummer.”

Stomme Tebowing-foto’s zijn er hier in overvloed, maar leuker is het om het stuk te lezen dat Matt Taibbi voor Rolling Stone schreef.

Het vele bidden heeft Tebow niet behoed voor pittige stukjes. “God must not know shit about football if Tim Tebow is his idea of an NFL quarterback”, aldus Taibbi.

Is het trouwens geen plagiaatkwestie?

Trompetsolo

Hoe sterk is de eenzame fietser in 2011? Zijn er nog wel eenzame fietsers? Er valt geen enkele fatsoenlijke solo-ontsnapping te noteren dit jaar. Is de Tour echt zo nerveus als ze zeggen en ontsnappen de renners bij voorkeur in groepjes vlak na de start? Boezemen de sprinterscollectieven zo veel angst in dat enkel kamikazepiloten alleen weg durven te vluchten? Zijn er nog wel kamikazepiloten?

De winnende solist is altijd de held. De status van Michael Boogerd was nooit zo groot geweest als hij die prachtige, 86 kilometer lange, solo naar La Plagne niet had gewonnen. De solo van Claudio Chiappucci, in 1992 naar Sestrière, 125 kilometer eenzaam op kop is ook niet mis. Maar solo’s op het vlakke zijn mooier. Omdat ze de logica tarten dat je het alleen niet redt tegen een jagend peloton.

In 1990 stond er een etappe van 301 kilometer op het programma in de Tour. Het regende de hele dag. Gerrit Solleveld sprong die dag mee met wat puntensprokkelaars op een bergje. De sprokkelaars lieten zich inlopen, de Tomaat ging er vandoor op negentig kilometer van de finish. Goed eten, veel drinken en zo gedoseerd mogelijk rijden, analyseert de Sol achteraf het succes van een winnende solo.

Maar het kan nog mooier. De meest indrukwekkende Toursolo in de recente geschiedenis is die van Thierry Marie op weg naar Le Havre. De proloogspecialist uit Normandië reed op 11 juli 1991 na 25 kilometer weg uit het peloton. Hij kreeg maximaal 23 minuten voorsprong. Daar was na 234 kilometer solo slechts twee minuten van over. Toch nog genoeg om twee dagen het geel te mogen dragen. Alleen Albert Bourlon reed in 1947 langer alleen op kop in de Tour.

De eenzaamheid was destijds een beproeving voor de Fransman met de felblauwe ogen. Hij had onderweg gezongen en geschreeuwd. Soleren is alleen weggelegd voor renners die ook goed alleen kunnen trainen en dan niet na twee uur al praatjes aanknopen met wielertoeristen of tankstationbedienden. Had Marie zijn trompet maar bij gehad, die hij altijd in de slotrit bespeelde. Het had de tijd gedood.

En was het nu nog maar zo. Renners die meer dan 100 kilometer solo rijden en de verveling willen bestrijden. Voeckler die zijn eigen hagiografie bijschaaft tijdens een ellenlange solo. Hoogerland die met 33 steken een haakwerkje afmaakt. Andy die zich vermomt als Frank. Ten Dam die zijn baardje trimt. Boom die een Tourofficial een Rabohypotheek probeert aan te smeren. Met andere woorden, het wordt weer eens tijd.

Verschenen op Het Is Koers op 16 juli

Voetnoot bij een dopinggeval

Zou Christophe Mengin nog wel eens terugdenken aan 7 juli 2005? Misschien deed hij het maandag 7 februari toen Lorenzo Bernucci, als spil in een dopingnetwerk, voor vijf jaar werd geschorst.

Een nieuwe bijdrage voor Tourkoorts, naar aanleiding van toen:

Gekke Floyd

Dus in 2003 reed Michael Boogerd met de gaten in zijn arm van de injectiespuiten. Hein Verbruggen poetste een positieve test van Lance Armstrong weg. Armstrong zelf is een genadeloze klootzak, die door rood rijdt en stripclubs bezoekt. Een halve zak bloed van Floyd Landis verdween in het chemisch toiletje van de US Postalbus. En Óscar Pereiro Sio was net zo gedopeerd als Landis in 2006.

Floyd Landis gooit de beerput weer eens wagenwijd open.

Op Het Is Koers! schrijf ik over het marathoninterview dat Floyd Landis aan Paul Kimmage gaf.

Sportparagnost

Zo zuig je wat uit je duim en zo heb je een 100% goede sportvoorspelling te pakken.

That does it! Ik word sportparagnost in 2011.

Eens even kijken wat de paragnosten voor 2010 voorspelden: Vuurwerkverbod, stapje terug voor Geert Wilders, Afrikaans land wint WK Voetbal.

Jawel, right on the money.

Daar ga ik dan. In 2011:

– Wint Cancellara een klassieker
– Test een Vacancesoleiler positief
– Gaat Euskaltel definitief kopje onder
– Wordt het een rampjaar voor de Nederlanders in de Tour
– Is de Giro wederom spannender dan de Tour
– En is Cavendish zijn hegemonie kwijt

</duimuitmond>

Als ik het fout heb, mag u een tomaat naar uw beeldscherm werpen.