Een Benins feest donderdag 17 september in Doornroosje. Orchestre Poly-Rythmo de Cotonou is al ongeveer veertig jaar actief, maar in Nederland waren ze nog niet te zien.
Het voordeel is dat de groep niet verpest is door Westerse eisen. Er zat een lekkere spanning in om niet al te wild uit de bocht te gaan, al kan dat ook met de leeftijd van sommige heren te maken hebben.
Bassist en drummer gaven het beste kunststukje door strak en ontzettend snel te blijven spelen. Nog te zien in Rasa, Paradiso en op Incubate.
Het leek een veelbelovende avond te worden, die Smackdown op 22 maart in Doornroosje waar Bogdan Raczynski, Vex’D, Boxcutter, Xanopticon en Hellfish optraden.
Het werd een tegenvaller.
Een groot deel van het publiek leek op Hellfish te zijn afgekomen. Ouderwetse Aussies stonden met de benen te wapperen. Dat werd lastig toen Bogdan zijn laptop openklapte. Af en toe probeerden de Aussies hun dansjes nog, maar Bogdan haperde te veel. Zo leken de gabbertjes net babyeendjes die wel probeerden te fladderen, maar steeds niet omhoog kwamen.
Veel meer dan op ‘play’ drukken deed Bogdan niet. Hij had nog een dansje dat leek op Tiësto met het syndroom van Down, maar daar bleef het dan ook bij. Ik moet ook zeggen dat ik de man na Samurai Math Beats enigszins uit het oog ben verloren, blijkbaar heeft hij ook niet heel veel baanbrekends gedaan in de tussentijd.
Boxcutter en ook Vex’D leken beide niet meerderjarig. Vooral de eerste speelde indrukwekkend. Ver voorbij het hokje van dubstep zette hij een sterke set neer. Vex’D hield het bij zijn platen en deed dat niet zo goed.
Van het overige gedreun besloot ik afscheid te nemen. Het is geen 2005 meer, en als Venetian Snares over twee weken op Strp niet met iets extra’s komt dan ga ik daar gewoon keihard mijn schouders over optrekken. Zo!
Iedereen kent het wel. Een piep in het oor. Je krijgt het na een dag tussen de schreeuwende kinderen te hebben gezeten, werken naast een heipaal, of gewoon te harde muziek.
Met een beetje geluidsrust verdwijnt de piep vanzelf. Maar je hebt slimmeriken die met de piep nog in de oren de volgende dag weer in de herrie gaan zitten, en de dag erna, en de dag erna. Guantanamo Bay voor je gehoor.
Voor je het weet zit je met de grootst voorstelbare ellende: tinnitus. De hele dag door een ruis, een fluit of een pieptoon in het oor. Mensen zijn er gillend gek van geworden. Moesten een zoemende computer naast hun bed zetten om in te kunnen slapen of pleegden zelfmoord. (Meer…)
Het pretentieuze type, degene met het toefje blasé, heeft als lijfspreuk ‘been there done that’. Om een dergelijke houding hoog te houden op muziekgebied, moet je overal tijdig bij zijn.
Als het pretentieuze type zijn houding serieus neemt, is hij bij alle vier de afleveringen van Sub Infusions in Merleyn en Doornroosje geweest. Daar stond immers al de beste dubstep nog voordat het voorzichtig op Lowlands werd geprogrammeerd.
De bezoekers van Sub Infusions konden Skream, Benga, Walsh en Youngsta op hun ‘been there, done that’-lijstje bijschrijven.
Opvallend genoeg is het pretentieuze type nog niet gesignaleerd op Sub Infusions, misschien blijven ze liever in Amsterdam.
Dat maakt het wel zo leuk voor de enthousiaste dubstepliefhebber, die 6 maart gezellig kunnen stuiteren tussen dubstep in de kleine zaal en de drum & bass van Ed Rush en Black Sun Empire in Roosjes grote zaal. Met de lijfspreuk ‘been there, let’s do it again.’
Het is haast niet voor te stellen, maar wie in de jaren negentig pizza bestelde in Chicago had de kans dat Tyree Cooper aan de deur verscheen. Tyree Cooper!
De man die zo ongeveer eigenhandig hiphouse uitvond, die Turn Up The Bass maakte in 1988. Een van de eerste keren dat house met hiphop werd gemengd.
Dat Amerika haar dancehelden veronachtzaamt wisten we al, maar dat Tiësto over tien jaar ergens in een restaurantkeuken aardappelen staat te schillen ziet ook niemand gebeuren.
Gelukkig besloot Tyree Cooper zijn muzikale carrière nog een kans te geven. Met Kerst staat hij gewoon in Nijmegen achter de draaitafels. Let The Music Take Control zal hij vast rappen. Toch beter dan kerst met een pizza.
Aldus rapper Lowkey, in het nummer Act Like That. Lowwie? Een activistische rapmeneer die je had kunnen kennen van de Poisonous Poets, maar die bekender gaat worden als het rappend geweten van Mongrel.
Mongrel is een nieuwe Britse supergroep. Aangezwengeld door Reverend And The Makers-aanvoerder Jon Mcclure, die rapper Lowkey meelokte in het nieuwe muzikale avontuur, net als het voormalige Arctic Aapje Andy Nicholson en zijn oude bandmaat Matt Helders. Ook van de party zijn Babyshamble Drew McConnell en Joe Moskow (ook al een Reverend) sluit de rij.
De heren zijn boos. Sterker nog, het doet denken aan de gouden opgewonden tijden van Fun-Da-Mental. Nee, het gaat niet goed in de UK, noch elders in de wereld. En Mongrel is er om met geweld ons een spiegel voor te houden.
Gelukkig klinkt dat allemaal wel erg goed, fris en melodieus op album Better Than Heavy. Dat is nog eens het politieke met het aangename verenigen. En fijn ook dat een supergroep eens een keertje werkt. Dat is bij NASA wel anders, hoeveel grootheden die ook bij elkaar hebben gezet.
Nee, The Spirit Of Apollo is maar zozo, ondanks het feit dat David Byrne, Tom Waits, Lykke Li, RZA, Santogold, Spank Rock, Kanye, Chuck D, M.I.A., KRS-ONE, John Frusciante, Kool Keith en vele andere bekenden op hetzelfde schijfje staan.
Het klonk als Spanjaarden op de flanken van een berg in de Pyreneeën tijdens een wielerrit. Benga, benga, benga. Vrijdag was het te horen in Doornroosje en niet voor een wielrenner.
Voor een dubstep-DJ die er niks van bakte. Maar toch, hoe beroerd zijn mixtechniek ook mocht zijn, hij draaide geweldig. Benga zette iedere keer precies de juiste plaat op. Hij draaide ze terug als het moment daar was en er ontstond zelfs een moshpit in het publiek, zoals een Belg zou zeggen: vlak onder zijn kloten.
Zelden een DJ gezien die zo slecht draaide en tegelijkertijd zo goed was. Ik vroeg me in de Gelderlander vrijdag nog af of de zaal wel vol ging lopen voor deze nog redelijk obscure muziekstijl. Het viel honderd keer mee. Nog altijd trekken de Drum & Bassers van Deflux het kleine zaaltje vol, maar tijdens Benga wilde iedereen in de Grote Zaal staan.
De broekspijptrillende bassen werden twee uur lang gerewind. Benga zwaaide met een plaat en vertrok als grote winnaar van de Pyreneeënetappe.